4 dingen die je niet wist over bijgeloof

Bijgeloof, we doen er allemaal aan. Om grip te krijgen op oncontroleerbare situaties, om een sprankje hoop te voelen als het even tegenzit. Waar de één niet onder een ladder doorloopt, eet de ander altijd hetzelfde vlak voor belangrijke momenten in het leven. Wat vind jij van bijgeloof? Helpt het? En, bij welke bijgeloof-rituelen zweer je?

1. Bijgeloof verschilt van land tot land 

De zomervakantie staat voor de deur. Online ontdek je een betaalbare, directe vlucht, maar er is één belangrijke ‘maar’: de heenreis is op vrijdag 13 augustus. Boek je wel of boek je niet? Het idee dat vrijdag de 13e een ongeluksdag is, zit er bij ons westerlingen diep ingebakken. Niet gek, want Jezus werd gekruisigd op een vrijdag en aan het Laatste Avondmaal zaten dertien personen. Woonde je daarentegen in China, dan zou je gewoon reizen op vrijdag de dertiende, maar op alle mogelijke manieren het getal 4 vermijden. Vier uitgesproken op z’n Chinees klinkt namelijk als ‘sterf’, en dus wonen Chinezen liever niet op de vierde verdieping. Sterker nog: soms bestaat die niet eens. 

 

2. We geven allemaal onze persoonlijke draai aan bijgeloof  

Dat onze cultuur van invloed is op onze bijgeloof-rituelen, wil niet zeggen dat we er zelf geen in het leven roepen. Werd je zoon of dochter geboren op vrijdag de 13e, dan is de kans groot dat 13 voor jou niet langer een ongeluksgetal maar een geluksgetal is. Misschien besluit je wel op diezelfde dag te trouwen of draag je het armbandje dat je om had tijdens de bevalling op andere belangrijke momenten. Bijgeloof neemt op die manier de vorm aan van persoonlijke rituelen. Die persoonlijke rituelen geven je niet alleen een gevoel van controle, maar maken situaties ook nog eens meer bijzonder. Zeker als ze worden doorgegeven van generatie op generatie. 

3. Bijgeloof helpt ons controle uit te oefenen

Maar waar komt bijgeloof vandaan? We begrijpen toch heus wel dat het gooien van een munt in een fontein niet het hart van de buurman verovert? Natuurlijk begrijpen we dat, diep vanbinnen. Maar de wens om controle uit te oefenen op onzekere situaties, is groter. Een ziekte die ons of onze dierbaren treft, een scheiding: dat overkomt je. Bijgeloof helpt om oncontroleerbare situaties iets meer controleerbaar te maken. En dus geeft het ons hoop, want in plaats van machteloos toekijken, hebben we het gevoel actief iets te doen; ongeacht de uitkomst. 

 Een westers bijgeloof is (af)kloppen

4. Bijgeloof wordt steeds belangrijker

Hoe ouder je wordt, hoe kwetsbaarder je leven vaak aanvoelt. Je wordt afhankelijker van de zorg van anderen en rent minder snel de trap op dan vroeger. Een verdrietige verandering waar je vaak niet meer tegen kunt doen dan “God … fried Bomans was een goede schrijver!” roepen. Bijgeloof kan dan hoop en houvast bieden. Misschien maak je de avond voor een belangrijk ziekenhuisbezoek standaard een monchoutaart of geef je drie zoenen op de foto van een dierbare. Aan de andere kant van de wereld doet iemand in ongeveer zo’n situatie misschien net een rituele dans. En dat is het mooie, want wat je ook doet, je bent zeker niet de enige: bijgeloof is van alle tijden, leeftijden en culturen. 

Met dank aan: Bastiaan Rutjens, Assistant Professor, Universiteit van Amsterdam, Afdeling Sociale Psychologie