• Overlijden melden - 088 335 35 35 (24 uur per dag) 

Met kinderen praten over de dood


Kinderen en afscheid. Hoe gaan kinderen om met de dood? Waar hebben ze behoefte aan? Aan de hand van de cijfers van het jaarlijks Nationaal Onderzoek naar de Dood van Coöperatie DELA, delen twee professionals hun ervaring over dit onderwerp. Ada van de Nes, uitvaartverzorger bij DELA, en Chelsey van Veelen, lerares groep 7/8 van Kindcentrum Universum in Hoorn.

Chat met onze medewerkers

Maak de dood bespreekbaar

58% van de ondervraagden vindt het belangrijk om meer met kinderen te praten over de dood. Van de ondervraagde (alleenstaande) ouders met thuiswonende kinderen is bovendien iets meer dan de helft het daarmee eens. 

Beide dames onderstrepen het belang om met kinderen over de dood te praten. Wel is de manier waarop je het gesprek voert belangrijk. Chelsey: ‘Ik merk dat er nog een taboe rust op dit onderwerp en dat komt waarschijnlijk omdat wij als volwassenen er zelf ook niet graag over praten. Maar kinderen zijn ontzettend veerkrachtig. In mijn werk zie ik dat kinderen anders over de dood praten dan volwassenen. Zij kunnen dit onderwerp echt wel aan, al is het niet nodig om alles tot in detail met ze te bespreken.’

Wat bespreek je wel of niet met kinderen?

‘Wil je kind weten wat cremeren is? Kinderen die nog geen zes jaar zijn, kun je vertellen dat iemand de crematieoven ingaat. Je kunt dan wellicht nog melden dat het een ander apparaat is dan waar broodjes in gebakken worden. Maar je hoeft  niet per se aan toe te voegen dat diegene verbrandt. Geef eerlijk antwoord, maar hou het klein. Kinderen die ouder zijn dan zes jaar willen meestal meer weten. Je kunt er dan aan toevoegen dat door de enorme warmte in de oven er uiteindelijk alleen as over blijft. De dood is niet eng, men maakt het vaak eng,’ zegt Ada. ‘Bovendien leert iedereen al op jonge leeftijd afscheid te nemen van personen, dieren en situaties. We nemen bijvoorbeeld afscheid als we van school gaan of als we verhuizen. Afscheid nemen is ons niet vreemd, maar waarom praten we dan niet over de dood? Het is de meest definitieve vorm van afscheid, dus maak het bespreekbaar.’ Er zijn overigens leuke boekjes die volwassenen kunnen helpen om de dood met hun kinderen te bespreken. ‘Ik raad het veel mensen aan. Achteraf bedanken ze me voor deze tips. Het helpt namelijk echt.’

Leuke boekentips:

  • Kikker en het vogeltje van Max Velthuijs. Geschikt vanaf 2 jaar
  • Lieve oma pluis van Dick Bruna, Geschikt voor baby’s en peuters
  • Een boom vol herinneringen van Britta Teckentrup. Geschikt vanaf 4 jaar
  • Het geheim van het Nachtegaalbos van Lucy Strange. Geschikt vanaf 8 jaar

Chelsey vertelt dat kinderen vaak anders naar situaties kijken dan volwassen: ‘Wist je dat wanneer kinderen over de dood praten, ze het vooral over feiten hebben en niet over emotie? De kinderen in mijn klas kregen de opdracht een brief aan zichzelf te schrijven. Dat mocht overal over gaan. Een kind in mijn klas schreef over de dood van een familielid. Ik verwachtte een emotioneel verhaal, maar las in plaats daarvan een tijdspad van alle gebeurtenissen rondom dat overlijden. Heel feitelijk. Kinderen vertellen wat ze meemaakten, vanuit hun perspectief, en gaan vervolgens door met de orde van dag. Hiermee zeg ik overigens niet dat kinderen voorbijgaan aan verdriet. Verdriet is er zeker, maar mijn ervaring is dat ze liever zelf aangeven of en wanneer ze willen praten of een knuffel willen.’

Het is goed om een kind de ruimte te geven voor eigen ideeën

Ada: ‘Wanneer ik bij mensen thuiskom waar kinderen zijn, zie ik dat ze tijdens het spelen met autootjes of een computergame ook meeluisteren. Ze zijn nieuwsgierig. Ik betrek ze bij het gesprek zodat ze weten wat hen te wachten staat en probeer dan ook uit te zoeken welk afscheid er bij de kinderen zelf past. Zo stond er ooit een meisje bij de kist van haar vader te dansen, omdat ze altijd samen met haar vader danste. Een passend afscheid voor haar en daarnaast zo vertederend voor alle aanwezigen. Zolang je de dingen bespreekbaar maakt en naar ze luistert, vinden kinderen hun eigen weg in de situatie.’

Ada vertelt dat wanneer je kinderen niet bij een afscheid betrekt, dat dan de allerbeste bedoelingen van volwassenen anders uit kunnen pakken dan zij bedachten. ‘Ik weet nog goed dat we afscheid namen van een man. Zijn kinderen waren nog jong. De volwassenen vonden het mooi als er tijdens het afscheid, speciaal voor zijn kinderen, ballonnen werden opgelaten. Later vroegen de kinderen: ‘Waarom waren er ballonnen? Het was toch geen feestje?’ Als ouder ken jij je kind het beste, maar nooit 100%. Daarom is het zo belangrijk om met kinderen in gesprek te blijven. Het is tenslotte ook hun afscheid.’

Heb jij jouw afscheidswensen wel eens met je kind besproken?

85% van de ondervraagden vindt het verstandig als ouders hun afscheidswensen bespreken met hun kinderen. Van ondervraagde (alleenstaande) ouders van 40 jaar of ouder is eveneens 85% het daarmee eens. De jongere ondervraagde (alleenstaande) ouders zijn nog wat voorzichtig. Hiervan vindt zo’n 50% het een goed idee om hun eigen afscheidswensen te delen.

Ada begrijpt deze percentages heel goed: ‘In het leven hebben we één zekerheid en dat is dat we doodgaan. Hoewel we allemaal hopen 80 jaar te worden, weten we niet wanneer we overlijden. Niet alleen je wensen maar ook je gezinssamenstelling kan veranderen in de loop der jaren. Het is dan ook goed om dit bespreekbaar te maken en je wensen voor het afscheid te delen.

'Je wensen rondom het afscheid kun je het beste kenbaar maken als kinderen 16 jaar of ouder zijn’, zegt Chelsey.  ‘Als één van de ouders dan overlijdt, dan kan je als kind actief helpen om de uitvaart naar de wens van de overledene te organiseren.’ ‘Jongere kinderen helpen niet direct bij het regelen van de uitvaart. Door hen op een speelse manier te laten weten welke kleur bloemen of welke muziek je leuk vindt, kunnen ze hier tijdens de uitvaart invulling aangeven.’ 

De rol van school

De helft van alle ondervraagden voor het nationaal onderzoek, antwoordt positief op de stelling ‘Omgaan met de dood zou onderdeel moeten zijn van het onderwijs aan kinderen’.

Ada: ‘Het zou heel mooi zijn als het op school besproken wordt. Het hoort bij het leven en leraren hebben diverse mooie manieren om dit onderwerp op een objectieve manier te bespreken. Overigens zijn er ook uitvaartverzorgers die naar scholen gaan om er meer over te vertellen.’

Chelsey denkt dat aparte lesstof niet nodig is: ‘De dood komt sowieso aan bod. Bijvoorbeeld tijdens een geschiedenisles of naar aanleiding van een item in het jeugdjournaal. De dood komt steeds op andere manieren ter sprake, zonder al te veel gewicht of emotie. Op die manier kunnen leraren kennis delen over feiten en zonder het persoonlijk te maken.’

Op de school waar Chelsey werkt maken ze gebruik van een protocol ‘Dood op of rond de school’ bij een overlijden. ‘Voor zowel jong als oud is het een impactvolle gebeurtenis. Ons protocol helpt ons om kinderen, ouders en collega’s goed te begeleiden. Daarnaast halen wij tips uit de Verdrietkoffer van de GGD. Daarin staat bijvoorbeeld dat het voor kinderen belangrijk is dat je blijft benoemen wat de dood is. We hoeven het niet mooier te maken door te zeggen dat een overledene nu een sterretje in de hemel is. Daarmee maak je het voor het kind tijdelijk behapbaar, maar het is beter om ze mee te geven dat de dood iets definitiefs is. Kinderen hebben behoefte aan duidelijkheid.’

Verberg je eigen verdriet niet

‘Als volwassene mag je jouw gevoel ook laten zien. Wil je huilen? Dan is dat helemaal oké. Ik herinner me een herdenkingsdienst op school. Diezelfde dag kwam er op het schoolplein een kind naar me toe en zei: ‘Juf, ik zag u huilen. Was u verdrietig?’ Ik antwoordde: ‘Ja, dat klopt.’ Vervolgens ging het kind weer spelen. Kinderen kiezen hun eigen momenten. Geef ze dan de informatie waar ze om vragen en benoem de dingen zoals ze zijn. Daarmee help je ze het meest.’