• Klantenservice 040 260 16 36 Ma t/m vrij van 8.00 tot 20.00 uur.
  • naar dela.nl

‘Ik kreeg 5 cent zakgeld en vroeg echt niet om meer’

Annie (67) is getrouwd met Piet. Samen hebben ze twee dochters en vier kleinkinderen. Annie komt uit een gezin van dertien en is zich daardoor altijd bewust geweest van de waarde van geld. Haar eigen kinderen heeft ze dan ook meegegeven dat werken en geld opzijzetten belangrijk is. ‘Als onze schoenen te klein werden, knipte mijn moeder die aan de voorkant gewoon wat in. Je kunt het je nu niet meer voorstellen, maar zo ging dat vroeger.’

‘Mijn moeder is altijd thuis geweest om voor ons te zorgen. We waren met heel velen, maar ze had allerlei maniertjes om het voor ons allemaal goed te doen. Omdat de eettafel te klein was voor dertien man, aten we bijvoorbeeld altijd in twee groepen. Als de ene groep klaar was, maakte ze het eten opnieuw warm en schoof de andere groep aan. Ook met kleding was ze heel creatief. Ze haakte en breide voor ons én voor onze poppen. Als mijn zusjes en ik voor Sinterklaas een nieuwe pop kregen, kregen we daar bijvoorbeeld altijd meerdere zelfgemaakte pakjes bij. En soms, als onze schoenen te klein werden, knipte ze die aan de voorkant wat in, zodat onze tenen er als het ware door konden. Je kunt het je nu niet meer voorstellen, maar zo ging dat toen echt. Ik ben nooit iets tekortgekomen. Iedereen leefde zo, er was gewoon niet meer. Ik heb mijn ouders ook nooit over geld, of het gebrek eraan, horen praten. Ze zullen het vast weleens zwaar hebben gehad, maar wij hebben daar nooit iets van gemerkt.’

Je geeft je kinderen graag een goede basis mee in het leven. Je wilt dat ze het goed hebben, alle kansen krijgen die ze verdienen. Of het nu gaat om een opleiding, rijbewijs of een eerste huis. Met de spaarverzekering van DELA zet je geld opzij tegen een vaste rente van 2% waarmee je de toekomstplannen van je kinderen uit kan laten komen. Want wat je nu meegeeft, is wat je straks achterlaat. Het DELA CoöperatiespaarPlan valt niet onder het depositogarantiestelsel.

 

 

 Het geld dat ik verdiende, moest ik aan mijn moeder geven. Zij zette het dan voor me opzij. 

Schuimblokken en trekdrop

‘Toen ik negen was, kreeg ik voor het eerst zakgeld: 5 cent. Altijd op zondag dus wij noemden dat ‘zondagsgeld’. Bij ons in de buurt was een snoepwinkel die de hele week open was, dus zodra we het geld kregen, gingen we daarheen. Voor die 5 cent kocht ik meestal één trekdrop of één schuimblok, of twee kauwgomballen. Nou, dat was geweldig! Toen ik vijftien was, ging ik fulltime werken bij Frans de Rooij, een speciaalzaak voor huishoudelijke artikelen en speelgoed. Ik verdiende daar 15 gulden per week en moest dat geld aan mijn moeder geven. Zij betaalde daar mijn kleedgeld van, dat ik één keer per maand kreeg, en stortte de rest op een rekening voor later.’

Geen zakgeld

‘Mijn man Piet komt net als ik uit een groot gezin: zij waren met negen thuis. Ze sliepen allemaal onder de pannen van het dak en warmden stenen op de kachel op die ze als kruik gebruikten. In vergelijking daarmee was het bij ons echt luxe. Piet en ik letten allebei goed op de centen, omdat we dat van vroeger zo kennen. We vonden het belangrijk onze dochters dat ook mee te geven. Toen ze gingen werken, mochten ze hun geld gewoon houden, maar ik heb altijd tegen ze gezegd: ‘Als je niks aan de kant zet, geef je het af.’ Gelukkig was dat nooit nodig, ze hebben dat altijd netjes gedaan. Maar als ik nu zie hoe mijn dochters omgaan met onze kleinkinderen, is dat weer heel anders. Onze kleinkinderen krijgen bijvoorbeeld geen zak- of kleedgeld, maar vragen er gewoon om als ze iets nodig hebben. Meestal krijgen ze dat dan ook, tot een bepaalde hoogte. Dat deed ik als kind écht niet want ik wist dondersgoed dat er niet meer was. Mijn dochters zijn daarin anders dan ik, maar ik bemoei me niet met de manier waarop zij opvoeden. We moeten daarin allemaal onze eigen keuzes maken.’

 De kleinkinderen krijgen geen zakgeld, maar vragen er gewoon om als ze iets nodig hebben. 

Geven met een warme hand

‘Ik geef de laatste jaren makkelijker geld uit dan vroeger. Ik word ouder en denk steeds vaker: ik moet het er ook gewoon nu van nemen. Voor mijn kleindochter Noa heb ik bijvoorbeeld het scooterrijbewijs betaald en met Vera ben ik laatst naar de stad geweest om samen een ketting voor haar verjaardag uit te zoeken. Ik geef het liever nu met een warme hand, dan later als ik er niet meer ben. We gaan ook steeds vaker met alle kinderen en kleinkinderen uit eten en hebben een paar jaar geleden met z’n allen een Disneycruise gemaakt. We hebben zó genoten met z’n allen en de kleinkinderen hebben het er nog steeds over. Die reis was behoorlijk duur, maar ach, op deze leeftijd hoeven we toch eigenlijk geen geld meer opzij te zetten?’

Download de verhalenbundel

Wat geef jij je kindje mee in dit leven? Bepaalde tradities of levenslessen? In onze verhalenbundel lees je verhalen van ouders die vertellen over de toekomstdromen van hun kinderen. Laat je inspireren!