Doorgaan is leven terwijl je verdrietig bent

‘Je moet het een plekje geven’ wordt er vaak gezegd over het verlies van een dierbare. Pas als dat gebeurd is, kunnen we doorleven, weer ‘normaal’ doen. Werkt het echt zo of doen we onszelf tekort door rouw op zo’n standaard, bijna voorgeschreven, manier te benaderen? Rouwdeskundige Daan Westerink vindt van wel en legt uit waarom verdriet onderdeel is van het leven.

Wat is rouw eigenlijk?

‘De fases van rouw waar zo vaak over wordt gesproken, bestaan niet. We stoppen daarmee een heleboel mensen in een vast patroon en zo werkt het niet. Bovendien suggereren fases dat alle emoties die bij de dood komen kijken op een bepaald moment voorbij zijn. Ik praat liever niet over ‘rouw’, maar over omgaan met verlies. De Engelse term daarvoor is coping. Coping betekent een balans zoeken tussen aan de ene kant de confrontatie met verlies – dat is wat we vroeger rouw noemden – en aan de andere kant overeind blijven staan door het vinden van manieren die ons helpen herstellen. Je bewandelt als het ware tegelijkertijd twee sporen. Het spoor van verdriet en het spoor van herstel. Het oude idee dat we eerst dwars door de pijn heen moeten en het daarna een plekje moeten geven werkt niet voor iedereen. Doorgaan is leven terwijl we verdrietig zijn.’

Ken je ons online wensenboekje al? Je kunt eenvoudig aangeven hoe jouw afscheid eruit moet komen te zien. Je nabestaanden zien dan in een oogopslag welke zaken er moeten worden geregeld. Wil je weten hoe je je uitvaartwensen kunt verzekeren? Bekijk dan de mogelijkheden van de uitvaartverzekering van DELA.

 Luister naar je intuïtie: Wat voelt nu, op dit moment, goed? 

Wat is doorgaan en hoe doe je dat?

‘Hoe de balans is tussen de confrontatie aangaan met het verdriet en proberen overeind te blijven, moet iedereen zelf bepalen. Een vrouw waarmee ik gewerkt heb, kwam een half uur voordat ze naar bed ging thuis en ging een half uur nadat ze wakker werd alweer weg. Thuis was haar overleden man, in alles: ze trok dat niet. Toen ze merkte dat ze weer eens wat vaker thuis wilde zijn, zocht ze begeleiding. Die behoefte kwam uit haar zelf en dat is goed: niemand kan voor ons bepalen hoe de balans tussen de twee sporen moet zijn, hoe we door moeten gaan. Sommige mensen willen wandelen in het bos of naar de sportschool als ze zich rot voelen, anderen willen onder een dekentje kruipen en huilen. Het zijn allemaal varianten op hetzelfde, namelijk het uiten van het gevoel op dat moment. Al die varianten zijn normaal, zijn toegestaan. Luister naar je intuïtie: Wat voelt nu op dit moment goed? Doe dat dan ook.’

Hoe ga je de confrontatie met de buitenwereld aan?

‘De confrontatie met de buitenwereld is heel spannend dus ook daarin is het belangrijk dat we een weg vinden die bij ons past. Je hoeft een paar maanden na de dood van je partner niet meteen vier weken met een vriendin op vakantie te gaan – tenzij dat goed voelt, natuurlijk – maar sta jezelf bijvoorbeeld wel toe om met vrienden uiteten te gaan. Het stemmetje in je hoofd dat zegt ‘het hoort niet dat ik vier maanden na de dood van mijn kind al uit eten ga’, mag je gewoon negeren. Want hoezo, dat hoort niet? Wie bepaalt dat voor jou? Wat belangrijk is, is dat je je naasten meeneemt in je proces: spreek je angsten en twijfels hardop uit. Ben je bijvoorbeeld bang dat je buitenshuis eten niet trekt, zeg dan tegen ze: ‘Ik ga mee, maar het kan zijn dat ik halverwege weg wil.’ Al ben je er uiteindelijk maar een kwartier, dat maakt niks uit. Wees mild voor jezelf en zet geen te grote passen.’

 Sta jezelf toe om weer uiteten te gaan maar verwacht niet teveel. Al ben je er maar een kwartier. 

Hoe vraag ik om hulp?

‘Mensen vinden het vaak ingewikkeld om nabestaanden te helpen. Ze willen zo graag wat doen maar uit angst om het verkeerde te zeggen of doen, trekken ze zich dus maar terug. Wat dan goed kan werken, is een bijeenkomst beleggen met alle dierbaren waarbij je ze vertelt waar jij zelf tegenaan loopt en wat je concreet nodig hebt. Een jonge moeder die haar partner had verloren, heeft haar vrienden en familie bijvoorbeeld heel eerlijk verteld dat ze geen energie heeft, dat ze vaak op maandag al kapot is terwijl de week pas net is begonnen. Haar netwerk is toen meteen in actie gekomen. Eén stel bood aan een paar nachtjes per maand op te passen, een andere man leest nu iedere zaterdag de kinderen voor. Om hulp vragen is prettig voor nabestaanden én voor dierbaren, want die hebben eindelijk het gevoel dat ze iets kunnen betekenen.’

Hoe vind ik mezelf weer?

‘Veel nabestaanden wordt gevraagd: Wanneer ga je je weer net zo gelukkig voelen als voor het verlies? Wanneer ben je weer de oude? Het antwoord daarop is: nooit. Om terug te kunnen naar die periode daarvoor, zou je namelijk de overledene uit je leven moeten snijden en moeten zeggen: het was eigenlijk niet van belang dat hij of zij er was, want nu hij of zij er niet meer is, wordt alles weer zoals vroeger. Dat gaat natuurlijk niet: vanaf nu is het altijd een leven zonder die persoon. Als je jezelf de ruimte gunt om daarin een weg te vinden, leer je op een gegeven moment een nieuwe jij te zijn. Ouders van overleden kinderen geven daar bijvoorbeeld vorm aan door zich in te zetten voor prachtige initiatieven die zich inzetten voor kinderen met eenzelfde ziekte. We worden nooit meer de oude, we worden anders, maar dat kan ook mooi zijn.’

Download het praatstuk

Tijdens je eigen rouwproces kun je het moeilijk vinden om het gesprek aan te gaan met de mensen om je heen. Voor jezelf en voor anderen kan het dan fijn zijn om te praten over wat jij nodig hebt om door te kunnen leven na dit verlies. Zo krijg jij de hulp waar je behoefte aan hebt en weten jouw dierbaren beter wat ze voor je kunnen betekenen. Download hier het praatstuk; een leidraad voor een gesprek waarin onderwerpen en tips zijn omschreven.